‘Inclusie is een recht, geen gunst’
In 2016 sloot Nederland zich aan bij het VN-verdrag Handicap. Hiermee verplichtte de overheid zichzelf om de samenleving toegankelijk en inclusief te maken voor mensen met een beperking. Hoe gaat het 10 jaar later met de uitvoering van het verdrag?
Tekst: Lucinda van Ewijk – Verhagen ¦ Foto achtergrondbeeld: ANP/Berlinda van Dam.


Theo Maas (1962) werkt bij belangenorganisatie IederIn. Eerder was hij commissievoorzitter bij het ZonMw-programma Gewoon Bijzonder en wethouder in de gemeente Someren. We spreken hem in zijn huis in het Brabantse Someren. Dit interview vond plaats op persoonlijke titel.
Theo Maas
Foto: Rob Baas
Maas is een vat vol verhalen en vertelt honderduit. Over zijn vroegere werk in de gehandicaptenzorg, en over de mensen die hem bij zijn gebleven. Sinds hij in 1980 als leerling-verpleegkundige begon, heeft hij de sector van dichtbij zien veranderen. ‘Ik begon in een tijd waarin we werkten met isoleren, fixeren en medicatie voor mensen met “probleemgedrag”. Daar kijken we nu gelukkig heel anders naar.’
Waardevolle tussenstappen
Eeuwenlang was Nederland een land van instellingen, waar mensen met een beperking afgeschermd van de maatschappij werden opgevangen. Niet omdat ze zorg nodig hadden, maar omdat ze anders overlast veroorzaakten. Zorg was toen geen recht, maar vooral een gunst.
Pas na de Tweede Wereldoorlog werd dat instellingsdenken langzaam losgelaten. Dat gebeurde in fases, bijvoorbeeld in 1962. Toen organiseerde de AVRO een inzamelingsactie op tv, waarmee men 22 miljoen gulden ophaalde voor de bouw van Het Dorp, een woongemeenschap waar mensen met een beperking zelfstandig konden wonen. ‘Het Dorp was een prima stap in die tijdsgeest,’ aldus Maas.

‘Ik begon in een tijd waarin we werkten met isoleren, fixeren en medicatie voor mensen met ‘probleemgedrag’. Daar kijken we nu gelukkig heel anders naar.’
Mies Bouwman tijdens de televisie-actie 'Open het dorp' in het RAI-gebouw in Amsterdam. De marathonuitzending bracht 20 miljoen gulden op.
Foto: ANP

Later volgden nog andere ‘waardevolle tussenstappen’, zoals het wonen in de wijk. ‘Voor ons als zorgverleners was dat superspannend. Maar een bewoner vertelde mij enthousiast hoe hij ineens avondwandelingen konden maken in zijn eigen omgeving. Die genoot zichtbaar van zijn vrijheid.’
Van medisch naar sociaal model
Maas beschrijft ook een andere verschuiving: die van het medisch model naar het sociaal model. ‘In het medisch model ligt de nadruk op zorg en iemands ziekte of beperking. “Er is iets mis met je en daarom moet er voor je gezorgd worden”, is de gedachte. Maar in het sociaal model is de beperking een klein onderdeel van wie je bent. Het gaat uit van wat je wél kan, van eigen regie en op voet van gelijkwaardigheid meedoen. Zorg is daarbij niet leidend, maar ondersteunend, zodat je het leven kan leiden waar je zelf voor kiest.’ Het VN-verdrag Handicap sluit aan bij die filosofie. ‘Het is een mensenrechtenverdrag waarin inclusie geen gunst, maar een recht is.’
Maas merkt dat de overheid en samenleving worstelen met het verdrag; inclusie als recht is nog niet vanzelfsprekend. ‘Als een automobilist van rechts komt, gaat die niet eerst aan de ander vragen of hij alsjeblieft eerst mag. Maar als het gaat om de rechten uit het VN-verdrag lijkt het alsof je nog steeds vriendelijk moet vragen of iemand jou die rechten wil toekennen.’
Forse kritiek
Dat er 10 jaar na de invoering van het verdrag nog veel moet gebeuren om Nederland inclusief te maken, staat voor Maas buiten kijf. In 2024 uitte de Verenigde Naties namelijk forse kritiek op de manier waarop Nederland omgaat met mensen met een beperking. ‘En de NOS kopte laatst nog dat veel bushaltes ontoegankelijk zijn.’
Inmiddels heeft de overheid een werkagenda opgesteld, met acties die ervoor moeten zorgen dat de samenleving toegankelijk wordt. Maar Maas vreest dat het onderwerp ondergesneeuwd raakt in de maalstroom van alle geopolitieke ontwikkelingen. ‘Het zal enorm knokken zijn om daar voortgang in te boeken.’
Ervaringsdeskundigen betrekken
Ondanks dat ziet Maas dat er nog steeds waardevolle tussenstappen worden gezet. ‘Bij ZonMw is het betrekken van ervaringsdeskundigen bij projecten al jaren een eis, dat is een positieve ontwikkeling. In sommige programma’s zijn ervaringsdeskundigen zelfs hoofdaanvrager en uitvoerder van een project. Zoals Joke Veltman, die een muzikale gehoortraining voor mensen met een cochleair implantaat ontwikkelde. Ze kreeg daarvoor een ZonMw Parel.’
Ook in het beoordelingsproces werkt ZonMw steeds met ervaringsdeskundigen. Ze zijn bijvoorbeeld onderdeel van programmacommissies of klankbordgroepen. ‘Dat wil niet zeggen dat er geen stappen meer te zetten zijn’, zegt Maas. ‘Bijvoorbeeld in het gelijkwaardig waarderen van wetenschappelijke-, professionele- en ervaringskennis.’

‘Als de kennis en inzichten die door ZonMw zijn gefinancierd beter verspreid en geïmplementeerd worden, zouden we al een hele wereld winnen.’

ZonMw-projecten
Maas ziet dat ZonMw ook inhoudelijk bijdraagt aan een inclusieve samenleving. Bijvoorbeeld met projecten die sport en bewegen inclusief maken, of innovaties voor Paralympische sporters financieren.’

Sporters van Team NL tijdens de halve finale rolstoelbasketbal in Tokyo. Met het project Wheelpower droeg ZonMw bij aan het verbeteren van de prestaties van atleten in hun handbewogen sportrolstoel.
Foto: ANP/Soenar Chamid
Met programma’s als Vakkundig aan het werk, waarin met kennis wordt bijgedragen aan duurzame re-integratie van mensen met een beperking op de arbeidsmarkt. Met een KIC-call waarin onderzoek wordt gedaan naar een inclusieve arbeidsmarkt. Of met een project om stembureaus toegankelijk te maken voor mensen met een visuele beperking.
Speldenprikjes?
Toch zijn deze initiatieven op het moment niet meer dan speldenprikjes, vindt Maas. ‘Het blijft moeilijk om de resultaten van lokale projecten naar een hoger niveau te tillen.’ Daarom zou er meer aandacht moeten komen voor implementatie. ‘Als de kennis en inzichten die door ZonMw zijn gefinancierd beter verspreid en geïmplementeerd worden, zouden we al een hele wereld winnen.’ ←

‘Inclusie als recht is nog niet vanzelfsprekend.’
Werknemer(s) van keramiekatelier Cor Unum, waar veel mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken. In het ZonMw-programma Vakkundig aan het werk wordt kennis ontwikkeld die bijdraagt aan duurzame re-integratie van mensen met o.a. een beperking.
Foto: ANP/Maikel Samuels
Een blinde man brengt zijn stem uit met een speciale braille stemcomputer. Met geld uit het ZonMw-programma Expertisefunctie Zintuiglijk Beperkingen onderzocht Kennis Over Zien welke obstakels mensen met een visuele beperking tegenkomen tijdens het stemmen.
Foto: ANP/Manon Bruininga
Coalitieakkoord
‘Om de zorg en het leven van mensen met een beperking te verbeteren, voeren we het VN-verdrag Handicap uit’ – staat in het coalitieakkoord ‘Aan de slag, Bouwen aan een beter Nederland’, dat op 30 januari 2026 werd gepresenteerd. Dat is bemoedigend en tegelijkertijd lijkt ook enige voorzichtigheid geboden. In de begroting wordt namelijk geen geld gereserveerd voor de uitvoering van het verdrag. Ook is het onderwerp niet aan een minister of staatssecretaris toebedeeld. ZonMw volgt de ontwikkelingen op de voet en draagt waar mogelijk met kennis bij.